EK VELDLOPEN IN PORTUGAL
In bijna zomerse omstandigheden werd afgelopen zondag het EK veldlopen georganiseerd in het Portugese Lagoa. In de media wordt daar helaas niet veel aandacht aan besteed. In de PZC vond ik deze ochtend een piepklein artikeltje met de mededeling dat Nederland bij de dames een 6e en 15e plaats had behaald. Voor een land waar voor veldlopen of crossen nooit een hoofdrol was weggelegd helemaal niet slecht, maar veel indruk zal het op andere hardlopers niet maken. Bij de mannen kwamen beide landgenoten niet bij de beste 50 en ook bij de jeugdcategorieën waren er geen successen.
De Belgen hadden meer succes, maar in België is de cross traditioneel veel populairder, hoewel zij ook niet meer aan de overwinningen van vroeger komen met in de jaren 70 en 80 de wereldtoppers Gaston Roelands, Miel Puttemans, Karel Lismont, Leon Schots en Erik De Beck om de voornaamste namen te noemen. Nu werd Willem Renders kampioen bij de U 20 of te wel de junioren, maar succes bij de jeugd garandeert nog niets.
Veel opvallender vond ik de collectieve prestatie van de Belgische vrouwen. Met een 4e, 5e en 7e plek behaalden ze goud in de teamrangschikking. En vooral de 7e plaats van Chloé Herbiet verbaasde de “kenners”. Op 30 november werd ze namelijk 3e bij het BK cross om zich te plaatsen voor dit EK. Een week later op 7 december verbeterde ze in Valencia het Belgisch record marathon tot 2.20.38 uur en weer een week later dit resultaat. Zeg nu niet meer dat de crossen en een voorbereiding op een marathon niet te combineren zijn. Mijn generatie weet dat overigens al een halve eeuw.
Het parcours in Portugal bevond zich in een park. De ongeveer 1500 meter lange ronde bestond hoofdzakelijk uit een soort leemgrond en verder een paar grasstroken. Wel enorm bochtig en het nodige hoogteverschil, maar dat laatste is op televisie niet zo goed te zien. Ik had wel de indruk dat dit parcours daar grotendeels permanent ligt en dat er weinig speciaal uitgezet moest worden met paaltjes en linten. Ideaal natuurlijk en zoiets zou ik in Goes of omgeving ook graag zien. En dan aan de buitenkant van het crossparcours nog een wegparcours van 2 km en natuurlijk een eenvoudige accommodatie om te verkleden e.d. Maar dan moet ik eerst de lotto winnen, want de politiek zal daar wel geen geld insteken. Als de gemeente Goes ooit het Poelbos aankoopt, lijkt me dat de gedroomde locatie.
Nog iets opmerkelijks bij deze wedstrijden: de afstanden waren relatief kort. De elite dames en heren net geen 7,5 km, de U 23 bijna 6 km en de U 20 maar 4,5 km. Je krijgt dan korte, maar supersnelle wedstrijden. Voor veel van deze atleten de ideale opbouw naar het volgende baanseizoen. Nogmaals een pleidooi om ook in Zeeland de afstanden van de crossen aan te passen. In deze periode van het jaar is ongeveer 30 minuten “volle bak” lopen bij een cross lang genoeg. Dat zien we alleen bij de beste 10 á 15. De meesten lopen ergens tussen de 40 en 60 minuten en dan schakelen ze automatisch over op een vlot of minder vlot duurlooptempo. Je krijgt gegarandeerd een hoger tempo bij vrijwel iedereen als je de formule “bepaalde tijd + ronde afmaken” gebruikt, maar dan mag de ronde niet langer zijn dan 1500 meter.
Misschien toch iets concreets om tot een beter niveau te komen. Een beter niveau is ook de insteek van het Symposium Toekomst Zeeuwse Atletiek zaterdag a.s. in de Vroone te Kapelle. Je kunt daar praten over bewegingsarmoede bij kinderen, de juiste training, de prioriteiten bij de clubs, enz. Allemaal heel belangrijk, maar kijk ook hoe het ging toen er nog wel een behoorlijk niveau was en Zeeland met Piet Vonck, Els Vader, Jo Schout, Marjan Olijslager, John Vermeule en Kim Reynierse meedeed met de nationale en zelfs internationale top. Zin om mee te praten, alleen te luisteren of heb je zelf voorstellen. Meld je dan aan via nlflipse@zeelandnet.nl of jacroose@hetnet.nl. Foto: komen er ooit vaste parcoursen in bijvoorbeeld het Poelbos.

Recente reacties