Blog

HELP JIJ DE ZEEUWSE ATLETIEK…. REACTIES EN IDEEËN

Hoogstwaarschijnlijk zullen de inspirerende verhalen van de sprekers tijdens het symposium op korte termijn niet tot grote veranderingen leiden. Misschien op lange termijn, maar ook dat is lang niet zeker. Het is wel de moeite waard om het te onderzoeken en er in het eventueel volgende symposium op terug te komen. Toch kunnen we bij wijze van spreken vanaf deze week al dingen veranderen om tot betere resultaten te komen.

Ik roep al jaren dat we versnippering moeten vermijden en dat de beste sporters tegen elkaar moeten strijden. Nu krijg je soms de indruk dat ze op de deelnemerslijst kijken en kiezen voor de wedstrijd en/of afstand waar ze het meeste kans maken op een hoge klassering. Kleine veranderingen kunnen soms al een verschil maken. Zo hoorde ik bijvoorbeeld dat AV’56 er alles aan ging doen om te zorgen dat de snellere lopers bij de Wallenloop meer ruimte hebben. Dat lukte m.i. goed, maar dan moeten die snellere lopers v/m wel inschrijven. “Verbeter de Zeeuwse atletiek en begin bij jezelf”. En natuurlijk jammer dat die aankondiging pas laat wordt gedaan i.p.v. ruim een maand van te voren.

Wat ook kan helpen is de kalender saneren. Niet dat er “evenementen” moeten verdwijnen, maar kijk eens naar hun status. Op de officiële kalender van de VZA met wedstrijden buiten de atletiekbaan staat ruim de helft aangekondigd als “Trimloop”, dus eigenlijk de ouderwetse prestatieloop maar dan met een uitslag. Dikwijls over incourante afstanden, maar soms ook als een 5, 10, 15 km of een halve marathon. Dat geldt ook voor de vele trimlopen van niet aan een club verbonden organisaties, Dikwijls is dat op parcoursen die niet voldoen aan de regels voor een wegwedstrijd en zeker niet officieel gemeten zijn. We kunnen dus afspreken dat al deze trimlopen niet in aanmerking komen als records en ook niet voor de ranglijsten. Als de wedstrijden die daar wel aan voldoen dan extra aandacht krijgen, komen de ambitieuze lopers v/m daar misschien sneller op af.

In mijn verslag over het symposium stelde ik voor om zelf je ideeën voor de Zeeuwse atletiek op papier te zetten. Om zeker te zijn dat meer mensen dit zouden lezen, heb ik het per mail ook nog naar ruim 130 personen gestuurd. Hieronder staan de 4 korte en lange reacties tot nu toe. Natuurlijk heb ik daar een mening over, maar dat is nu niet aan de orde. Dus gewoon lezen en kijken of de Zeeuwse atletiek er iets mee kan en/of wil.

Ik hoor vaak het woord idee maar waarom gebruiken we niet wat er al is. Loopland Gelderland is daar 10 jaar geleden al mee begonnen. Als je bron van talent opdroogt waarom ga je het talent dan niet zelf halen? Organiseer volgens het “Sportfundamentals” principe clinics voor de scholen, wellicht in combinatie met hun sportdag, zorg dat je de gymleraren erbij betrekt en kijk dan welke talenten je naar de clubs kunt krijgen. Het programma is er al, nu nog uitvoeren.

https://www.honore.nl/activiteiten/clinic-sportfundamentals

Mijn suggestie aan Niek was om bij een tweede editie van het symposium een spreker van Loopland Gelderland uit te nodigen bv Honoré Hoedt en die laten uitleggen wat ze daar hebben gedaan. Dit gaat waarschijnlijk niet werken als je dit op clubniveau doet. Je moet een organisatie inrichten om dat programma uit te voeren:

  • Daarvoor heb je clubs, VZA, wellicht CIOS en enthousiaste vrijwilligers nodig
  • Mensen zoals Mike en AC Lokeren consulteren om je organisatie op bestuurlijk niveau goed neer te zetten en een visie te definiëren.
  • Heb je eenmaal talenten, dan moet je de juiste en voldoende trainingsfaciliteiten kunnen aanbieden.
  • Bundelen van expertise en bijscholen om het niveau van trainers omhoog te krijgen. Wellicht dat talenten minder snel weglopen als ze in Zeeland de faciliteiten en kundige trainers hebben.
  • Gericht trainingsprogramma opzetten incl. atletische skills (presentatie Team NL).
  • Sponsoren zoeken om de organisatie financieel op orde te krijgen. Tegenwoordig gaat niets meer voor niets. Jos den Hollander

De crosscompetitie in tweeën knippen. Een herfstcompetitie voor de jaarwisseling van 3 wedstrijden, en na de jaarwisseling één van 4 wedstrijden. Dan kun je iedereen ook beide competities in de juiste categorie laten lopen, want dat gaat tegenwoordig per kalenderjaar bij de jeugd.

Lijkt me een simpele oplossing voor dit ‘probleem’ waarbij het naar mijn idee ook leuker is als zo’n korte competitie wat compacter is. Veel succes verder. Martijn de Kok

Na aanleiding van het Symposium over de huidige staat van de Zeeuwse atletiek en welk beeld en toch ook wel oplossingen en aandachtspunten genoemd werden, heb ik eens nagedacht hoe we de atletiek in Zeeland beter kunnen maken.

De aandachtspunten die ik gedestilleerd heb:

  1. De tijden van vroeger blijven op de Zeeuwse bestenlijsten staan, maar hoe is dit mogelijk als we zoveel meer kennis hebben, het materiaal beter is, en nieuwe trainingsmethodieken aanwezig zijn?
  2. De aanpak binnen de atletiek vereniging Lokeren lijkt goed te werken. Hoe kunnen we die professionaliserings-stap in Zeeland maken, op een Zeeuwse manier?
  3. De motorische ontwikkeling van kinderen blijft achter, ze zitten meer binnen als dat ze buiten spelen.
  4. In plaats van atleten hun gang te laten gaan, wordt alles voorgekauwd. Laat de atleten hun eigen problemen oplossen, en wees er als trainer of club, als een atleet een beroep op je doet.
  5. Hoe kunnen we Zeeuwse atleten meer enthousiasmeren om meer in Zeeland wedstrijden te lopen en de competitie met elkaar aan te gaan?
  6. De rol van de Vereniging Zeeland Atletiek nu en in de toekomst?
  7. De taak voor de verenigingen en organisatoren.
  8. Blessure preventie

Mogelijke wegen die we zouden kunnen bewandelen om samen met alle(!) Zeeuwse partijen de regionale atletiek weer beter op de kaart te zetten, in de regio, maar met als doel om over een paar jaar een structureel beter beleid te hebben, waarbij Zeeuwse atleten weer meer mee gaan spelen in de landelijke competities.

  1. In Zeeland zit er wel kennis bij de trainers, maar hoe actueel is deze en wat wordt er in de verenigingen mee gedaan? Al jarenlang worden dezelfde trainingsmethodieken toegepast, en er vindt weinig vernieuwing plaats. Gelet op de aanwezigen en de boodschap van de verschillende sprekers, is er wel degelijk verbeteringspotentieel. Kijk eens naar andere sporten en de trainingsmethodieken daar. Er is een tijdje terug een groot onderzoek gedaan naar performance management en jaarplanning van atleten. ( Dat artikel kan ik hier niet plaatsen, maar is bij mij op te vragen ). Soms lijkt het wel alsof commerciële motivatie de boventoon voert boven (eventueel) clubbelang, als er maar omzet gedraaid kan worden en geld verdienen en mezelf als trainer via social media in de picture kan spelen en kan showen met resultaten van mijn atleten. Maar of dat in het belang is van de algehele atletiek in Zeeland valt sterk te bezien.
  2. In Lokeren hebben ze een professionaliseringsstap gemaakt, met divisies voor hun atleten, en als je goed presteert, dan kun je in een betere divisie komen, met bijvoorbeeld een andere trainer, meer mogelijkheden, en prestatie beloningen. In Zeeland zijn er te weinig echt goed opgeleide trainers, en doen die wel eens met elkaar sparren, of blijft “eiland denken” bestaan? Hoe vaak komen alle Zeeuwse trainers in een jaar bij elkaar om inzichten en ervaringen uit te wisselen, knelpunten te onderkennen en oplossingen te verzinnen? In de regio Zeeland heb je voor de jeugd zo iets als Atletic Champs en vind er soms wel eens een regio-meeting of training plaats. In andere sporten komen de toppers van hun verenigingen wel vaker bij elkaar om samen te trainen of een clinic te krijgen/volgen in het bijzijn van een toptrainer of topatleet. In Lokeren is een financiële beloning voor een erg goede prestatie een mogelijke drijfveer, maar of dat in Zeeland gaat werken is dat nog maar de vraag, met de financiële situaties van de afzonderlijke verenigingen. En zou dat ook nodig moeten zijn, een financiële prikkel, ik vraag mij dat terdege af. Wat ik zie bij atleten uit andere landen, is dat het lijkt alsof er veel meer urgentie is, om perse de beste te willen zijn. Nou heeft dat er soms ook mee te maken, dat er veel familieleden afhankelijk zijn, van het inkomen van hun goed presterende atleet binnen de familie. Gelukkig hebben we deze situatie hier niet, maar het zou je wel aan het denken moeten zetten. Als ik een wedstrijd in België loop, dan zie ik bij de jeugd al wel die urgentie om te willen winnen, koste wat kost. De professionaliseringsstap die al gemaakt kan worden is dat alle verenigingen eens een lijst maken met alle trainers en begeleiders en hun opleidingsniveau (in de atletiek) en een scholingsplan maken voor al hun trainers. Een paar jaar geleden is er een opleidingstraject geweest naar looptrainer 3 in Zeeland. Hoeveel daarvan zijn er nu, na een aantal jaar doorgegroeid of hebben aanvullende cursussen gedaan? Juist ja, erg weinig. En hoe komt dat en waarom wordt daar niet iets aan gedaan? Hou eens functionering – en beoordelingsgesprekken met de trainers en dan niet om de vorm, maar zeker ook op de inhoud. Maar dan moet je wel bestuursleden hebben die atletiek ademen en ter zake deskundig zijn. Of je laat dat over aan een trainingscoördinator.
  3. De motorische ontwikkeling blijft achter en dat is een zorgelijke ontwikkeling. Maar soms begint het ook al bij de ouders, die hun zoon of dochter wel even naar de atletiekbaan brengt met de auto. En dat terwijl zo’n kind overdag gewoon op de fiets naar school gaat in dezelfde stad. Als de motivatie van de atleet/atlete in de dop er is, dan gaan ze uit zichzelf wel. Laat de kinderen weer ontdekken en eens met een groepje van een atletiek vereniging kennismaken met een andere tak van sport op bijvoorbeeld hetzelfde sportpark en daar eens meetrainen, en omgekeerd. Kruisbestuiving kan zeker geen kwaad. Onze provincie biedt ook mooie mogelijkheden om buiten een atletiekbaan in den lande te trainen. In het bos of in de duinen worden atleten in de dop sterker van, meer samenhang in het sociale aspect en onverhard worden atleten getriggerd om oplossingen te vinden voor “problemen” die ze buiten de baan tegen komen. Denk aan een ongelijk pad, mul zand (andere looptechniek), korte bochtjes (balans), boomwortels etc. Haal ze eens uit hun comfort-zone! In de jaren 70 werkte dat, dus waarom nu niet meer? Speelsere vormen als warming up kan natuurlijk ook prima op een baan.
  4. In een vereniging wordt er een jaarplanning gemaakt in het algemeen voor alle atleten en onderdelen. En dit terwijl er atleten zijn die een voorjaars marathon willen lopen, terwijl de focus bij een ander ligt op een snelle 5 of 10 km. Dat geeft een heel andere dynamiek voor een trainer en de atleet. Als er dan een basis training op de baan gegeven wordt, die vooraf niet bekend is bij de atleten, dan kan dat botsen met de verdere trainingen in de rest van de week. Mogelijk leidt dat tot 2 a 3 keer (sub-) treshold trainingen wat voor overbelastingklachten en uitval (blessures) kan leiden. Indeling van atleten (in baan-groepen) op basis van reeds behaalde prestaties in plaats van de doeltijden helpt ook bij om structureel beter te worden. Even gechargeerd: Een atleet traint in groepje 40 (minuten op de 10km) omdat zijn/haar doel is om onder de grens van 40 min te willen duiken, en dat terwijl men een tijd heeft staan van 41:30. Dan train je dus iedere keer boven je macht en ben je aan het afbreken in plaats van opbouwen en progressie gaat dan wel heel lang duren. Dat kun je ook zien aan de hartslag in de herstelfases, die dus te hoog blijft à kans op blessures!. En waarom bijna altijd interval trainingen tijdens een baan training en (bijna) nooit techniek trainingen met feedback van een trainer? En train je alleen, dan kan een atleet zijn/haar telefoon met een statief meenemen en zichzelf filmen en dat opsturen naar de eigen trainer of naar de (Zeeuwse) selectie trainer om feedback te krijgen. De technologie is er, maar waarom daar niet gebruik van maken? Mocht er een atleet geblesseerd zijn, dan kan die ook bij een gezamenlijke training dit soort opnames maken zodat een atleet feedback kan krijgen wat die zou kunnen aanpassen/beter zou kunnen doen, om geen blessure te krijgen, of de techniek beter uit te voeren om verder te werpen, hoger te springen, vloeiender over de hordes te zweven, of bijvoorbeeld stabieler te lopen. Super Slowmotion functie op een telefoon werkt erg goed.
  5. De “wildgroei” aan wedstrijden in Zeeland, maar zeker ook in de rest van Nederland is enorm. Dat kan men zien als een slechte tendens, want in één en hetzelfde weekend worden er soms 3 wedstrijden georganiseerd, die allemaal in dezelfde vijver met atleten vissen. En dan zijn er nog atleten die hun focus meer op landelijke of zelfs internationale wedstrijden hebben. Maar dat aanbod aan wedstrijden kan men ook als positief zien en als atletiek minnend Zeeland in de armen sluiten. Er zijn best veel klassiekers in Zeeland, in ieder seizoen wel 1 of 2, die al jarenlang een vaste trouwe schare aan atleten trekken. Ook vinden er OZK of wel Open Zeeuwse Kampioenschapswedstrijden plaats, waar veelal atleten van buiten de provincie met de winst vandoor gaan. Maar wat geeft een Vlaming of een Brabander nu om de titel Open Zeeuws Kampioen? Helemaal niets! Wat ze interessant vinden is de premie en eventueel de tijd, meer niet. Een Zeeuws kampioenschap cross is ook een aparte wedstrijd, waarbij maar één wedstrijd winnen er voor zorgt dat men de titel Zeeuws Kampioen een heel jaar mag dragen. Dat is natuurlijk bespottelijk. Gooi je dit nu op de grote hoop, dan is de oplossing eigenlijk heel eenvoudig:
  • Maak een jaar ranglijst en waardeer iedere prestatie met een score. Dit kun je al zien op de site van Atletiek Zeeland met de Worldathletics punten voor prestaties.
  • Als men dan een cross loopt, dan zou men die met een factor 2 kunnen waarderen om de cross wat “te promoten / meer deelnemers te laten trekken” stel je behaald 500 worldathletics punten, dan kun je voor de jaar ranglijst na een cross, 200×2 is 1000 punten bijschrijven.
  • Loopt men een “klassieker” een speciale wedstrijd die al jarenlang op de kalender staat(zeg: vaker als 25x is gehouden) , dan zou je daar een andere factor, bijvoorbeeld puntenaantal maal 1,5 doen.
  • Om de Zeeuwse atletiek verenigingen wat “te beschermen” en wat extra inkomsten te laten genereren kun je wedstrijden die door een atletiek vereniging georganiseerd worden met bijvoorbeeld een factor 1,4 waarderen. Een baanwedstrijd met 1,6 of 1,7 maar laat dan a.u.b. de ‘schoenen-regel- handhaving” los, dat werkt contraproductief! Wees blij dat er mensen een baanwedstrijd willen lopen, en leg er dan zeker geen “beperking” op. Ondanks dat men als WTC misschien in haar gelijk staat. Eerst maar eens meer deelnemers naar baanwedstrijden trekken, geen mensen uitsluiten of buiten mededinging mee laten doen. In de snelste wedstrijdserie kun je dan eventueel wel handhaven op de schoenenregel. Maar van die atleten mag men logischerwijs verwachten dat ze meer baanwedstrijden lopen, en dus ‘passend schoeisel’ hebben.
  • Andere of overige wedstrijden waardeer je met de factor 1.
  • Zomerlopen en of stratenlopen ook met factor 1 omdat er dan vaak mensen op vakantie zijn, dus minder sterke deelname, maar qua punten ondervang je dat ook weer.
  • Bovenstaande kun je ook voor de jeugd hanteren.
  • Denk bij de jeugd bijvoorbeeld aan een jaarklassement 40-60-80-100 meter
  • Volgende jaarklassement 100-200-400 (die laatste voor inhoud te kweken)
  • 800 – 1500 – 3000m baan  of alle wedstrijden met een afstand tussen de 3 en 15km in een jaarklassement om mee te beginnen. Voordeel: je kunt meer wedstrijden in een jaar lopen, en hoe meer je er loopt, des te meer punten haal je, en in het eindklassement kun je dan hoger komen. Willen mensen dan een uitstapje maken richting halve marathon of hele marathon, dan kun je dus geen punten voor je jaar-ranglijst halen, maar dat is een keuze die de atleet dan zelf maakt.
  • Waar je de wedstrijd dan loopt, maakt niet uit, je kunt je punten toch wel halen.
  • Sta je aan het eind van het jaar bovenaan, dan mag je jezelf Zeeuws-kampioen noemen, krijgt van de VZA een uniek Zeeuws-shirt/singlet, wat je dan een jaar lang mag dragen. Vergelijk het met de gele trui voor de leider in de Tour de France. Hang er een ontwerp wedstrijd aan vast en laat een Zeeuws bedrijf dat shirt/hemdje leveren. De nummers 1 tot en met 5 van de jaarlijst “verdienen” een premie (geldelijk of een tegoedbon voor een serieuze korting welke inwisselbaar is bij deelnemende Zeeuwse sport-bedrijven). Denk hierbij bijvoorbeeld aan Triathlonworld Terneuzen, Capello Heinkenszand, Koolesport Middelburg, Intersport in Zeeland, Reysport Wolphaartsdijk.

Voordeel is dat de media over de tussenstand ook wat meer kunnen schrijven en zo de boel een beetje kunnen aanzwengelen.

  • Zet wat meer in op estafette-wedstrijden, bij de jeugd, maar ook zeker bij volwassenen(team en/of club-gevoel versterken). Voor de jeugd een mini-Ekiden met in totaal een kwart-Ekiden, voor recreanten een halve Ekiden en voor wedstrijdlopers een hele Ekiden, waarbij alle deelnemers binnen een team dezelfde teamscore qua punten krijgen. Eventueel een factor van 1,5 er aan hangen. En hou bijvoorbeeld deze 2 a 3 keer per jaar. Deze wedstrijden kunnen ook gebruikt worden als selectie wedstrijden om een Zeeuws Ekiden team te bouwen/vormen. Wordt je daarvoor uitgenodigd om deel te mogen nemen namens Zeeland, dan is dat een eer, en wordt er een outfit ter beschikking gesteld door een van eerder genoemde bedrijven of de VZA, en die atleten mogen dan gratis deelnemen aan bijvoorbeeld de Ekiden in Rotterdam, op kosten van de VZA. Trots dat je Zeeland en de Zeeuwse kleuren mag vertegenwoordigen!
  • Als men nu inschrijft, dan kan men vooraf of direct daarna al zien wie er nog meer hebben ingeschreven voor die wedstrijd en voor welke afstand. Vroeger was dit niet aan de orde, en mogelijk is dit zelfs onwenselijk! Wat er nu gebeurd is; dat er gekeken wordt welke afstand een concurrent gaat lopen en dat men dan in gaat schrijven voor een andere afstand, zodat men toch kan winnen. Zo ontloopt men de strijd aan gaan, en is eigenlijk een zwaktebod. En goh, heel “verrassend” dat er iemand Zeeuws kampioen cross wordt, terwijl vooraf de concurrentie ingeschat kon worden. Zie voor een voorbeeld dit: https://my.raceresult.com/371520/    https://inschrijven.nl/dln/tankloop.html  Deelnemerslijsten dus niet vooraf openbaar maken, maar omwille van de pers en speakers deze wel een week van te voren met deze delen, zodat er artikelen geschreven kunnen worden en het vuurtje al wat opgepookt kan worden, en de speakers hun huiswerk al kunnen doen en voorbereiden.  Dit niet delen van wie er ingeschreven heeft, en voor welke afstand, zou voor ieder organisatie comité(atletiek vereniging of niet), zeker met het oog op de wet AVG en privacy, de normaalste zaak van de wereld moeten zijn!
  • Een ieder die inschrijft voor een wedstrijd, op eender welke afstand, mag deze afstand volbrengen. Atleten worden niet voortijdig meer gemaand om bijvoorbeeld te stoppen door een wedstrijdleider. Atletiek is een inclusieve sport en dat houden we zo. Voorbeeld is de 15km van Wolphaartsdijk. Voor para-atleten kun je een hogere factor voor de punten hanteren van zeg 5, om ze erbij te betrekken/enthousiasmeren. Huldigen pas nadat de laatste finisher binnen is en daar ook respect voor hebben.
  1. De rol van de Vereniging Zeeland Atletiek is nu een beetje onduidelijk. Zeker niet prominent en wordt nu inhoudelijk een beetje ingevuld door op toerbeurt iemand van de aangesloten atletiek verenigingen naar voor te schuiven. Maar de VZA staat nu een beetje naast de atletiek verenigingen, als één van hen, in plaats van er boven. Met de huidige uitdagingen en die er aan zitten te komen, om Zeeland en Zeeuwse atleten weer landelijk ‘een woordje mee te laten spreken” en de kwaliteit te verhogen, is het een must, om met ervaren- bestuurders en atleten, mensen die de sport ademen, de VZA weer duidelijk op de kaart te laten zetten, als het aanspreek punt voor de landelijke Atletiekunie in Zeeland. Eventuele informatie van uit Papendal wordt dan gedeeld met de aangesloten verenigingen. Ook zou de VZA talent-ontwikkeling in de regio moeten coördineren en regio trainingen moeten organiseren, waarbij het talent samen 1x per maand traint onder een ter zake kundige en goed opgeleide trainer. Ook zou de VZA een aanspreekpunt moeten zijn om een bestuur aan te kunnen spreken op slecht beleid. Voor aangesloten leden zou de VZA een meldpunt kunnen/ moeten worden om klachten anoniem in te kunnen dienen. Veelal denken vertrouwenspersonen van een vereniging in het straatje van diezelfde vereniging, en wordt er ‘een straatje schoongeveegd’.

De VZA zou ook regionaal aanspreekpunt kunnen zijn/worden voor zorgverleners die blessures van atleten behandelen/op de tafel krijgen. Denk hierbij aan fysiotherapeuten, manueel therapeuten, sportartsen, osteopaten die het opvalt dat er toch wel meer blessures in een bepaald gebied voorkomen. Dit natuurlijk anoniem. De blessure preventie moet beter maar regionale trends moeten zeker gemonitord worden. Ook moet de VZA een broedplaats worden van talent en voor toekomstige bestuurders. Een stageplaats of afstudeer opdracht op initiatief van de VZA zou zeker tot de mogelijkheden moeten gaan behoren. Zeg een IT-opdracht voor een student om een ranglijst met puntensysteem op te tuigen. Ook voor ALO of CIOS-studenten zouden de VZA of de aangesloten verenigingen een mooie stageplek of stage opdracht kunnen betekenen. Laat ze een nieuwe wedstrijd organiseren inclusief alles wat daar tegenwoordig bij hoort. Of prestatie analyse met een database. Of een student een clinic laten geven. Of de VZA een clinic laten organiseren met een Nederlandse topatleet v/m waarbij scholen ook benaderd worden, en iedereen, wel of geen lid van een vereniging, mag aanschuiven. De VZA zou ook een overzicht moeten krijgen en een adviserende rol, in lange termijn beleid en scholingsplannen voor aangesloten atletiek verenigingen.

  1. Taken voor verenigingen en organisatoren met als doel professioneler te worden:
  • Deel niet meer vooraf deelnemersoverzicht.
  • Houdt meer estafette wedstrijden, voor team/verenigingsgevoel en als selectie moment
  • Denk na over na-inschrijvings-systeem, met een app en QR code qua betaling, maar sta dit toe/hou de optie open, levert soms wel 40% meer inschrijvers op
  • Inventariseer je trainersstaf en opleidingsniveau en behoefte en hou functionerings- en beoordelingsgesprekken met doelstellingen.
  • Introduceer weer ladies-runs, er is zeker vraag (zie de kustmarathon, en waar is de ladiesrun Goes eigenlijk gebleven?) Daarmee kun je meer omzet creëren. Voorbeeld: de zakloop had ruim 600 deelnemers, in Lokeren spraken ze over ongeveer 2000 deelnemers!
  • Moderniseer als vereniging je statuten naar de huidige Atletiek unie standaard en plaats die online op de website zodat ieder lid die te allen tijde kan raadplegen.
  • Treedt op tegen hazen door ploeg- of team genoten, lijkt wel bij veel wedstrijden te moeten gebeuren, wedstrijden worden hiermee onwenselijk beïnvloed en waar gaat het nu eigenlijk om? Een tijd van 41 min op een 10 km of kijk bij de Kustmarathon of de HM Zakloop in Nisse. Verbied meefietsen op het parcours door derden en trainers. Van iedere deelnemer aan een loopwedstrijd mag veronderstelt worden, dat ze die wedstrijd tot een goed einde kunnen brengen, zonder bemoeienis van buiten af. Denk hierbij ook aan de veiligheid van de atleten op het parcours en de media die ongestoord hun werk moeten kunnen doen.
  • Hou vaker een tijdsloop met individuele start zoals bijvoorbeeld de AV56 Sas-loop, en wie het dichtste bij zijn/haar voorspelde tijd zit, wint, in plaats van de snelste tijd.
  1. Blessure preventie werd heel goed duidelijk gemaakt door verschillende sprekers op het Symposium. Gevarieerde trainingen, individuele trainingsbehoeftes van atleten, opleidingsniveau van trainers, kennis overdracht onderling, maar ook zeker een taak voor regionale zorgverleners om hier een vinger aan de pols te houden en trends/signalen anoniem te melden aan de VZA. Maak gebruik van het moois wat Zeeland te bieden heeft qua trainingsgebieden en mogelijkheden, het hoeft niet per se een intervaltraining op de baan te zijn.

Oproep voor de Zeeuwse media: Hou de berichtgeving a.u.b. positief en opbouwend met ook die ondertoon. Als een atleet een doel gesteld heeft, en dat doel wordt, door omstandigheden, niet behaald, hou het dan toch positief. In plaats van een ondertoon van doelstelling niet gehaald ondanks dat er een PR gelopen/behaald is.. En laat atleten in hun waarde, ze hoeven (meestal) niet geprikkeld te worden. Maak meer mooie interviews en achtergrond verhalen over Zeeuwse atleten, wat zijn hun doelen, drijfveren en wat zijn hun toekomstplannen. Wordt gewaardeerd!

Op naar een mooie en zonnige toekomst voor de Zeeuwse atletiek. Peter Koopman.

Samenwerking tussen Zeeuwse Verenigingen

Meer gezamenlijk trainen

Talentvolle jeugd met elkaar laten trainen

Gezamenlijke heuveltrainingen

Gezamenlijke trainingsweekenden/kampen/wedstrijden

Gezamenlijk overleg (1x per half jaar)

Trainers/bestuur

  • Jeugd vanaf 4 jaar laten kennismaken met bewegen/atletiek.
    • Sportieve spelletjes
    • Hiermee voorkom je dat jeugd verloren gaat aan andere sporten waar ze al wel welkom zijn op jonge leeftijd. 

Wedstrijden aanpassen aan de huidige tijd/samenleving. De opzet is verouderd en zorgt voor afname van deelname. Er lopen steeds meer mensen, maar hierop zijn de huidige wedstrijden niet aangepast.

crossen

stratencircuit

enzovoort Sven Vermeulen

Misschien inspireren deze ideeën  jou ook om plannen voor de Zeeuwse atletiek op papier te zetten. Stuur ze naar me toe, maar ook naar de VZA via info@zeelandatletiek.nl en eventueel naar je eigen club. Foto AV’56: Krijgen we meer Zeeuwse atleten om mee te strijden met de nationale top?